Beeldend Veenendaal

zonen en dochters van Veense turfstekers
zetten weer hun beste beentje voor
met een knipoog naar Gilbert
modern
klassiek
en met een vleugje humor

maar ook de vrije keus
brengt diversiteit in optima forma
kleurrijk
speels
of spectaculair

steen
ijzer
en zelfs karton
staat fier overeind

alleen Gilbert is
van zijn voetstuk gevallen

Welkom

thuiskomen
in wat mijn thuis
eigenlijk nog niet is
maar wel zo voelt

thuiskomen
in elkaars leven
elkaars zorgen
elkaars ongeduld

thuiskomen
in voor en regen
welkom zijn
ongevraagd

thuiskomen
ik bij jou
en jij bij mij
zonder sluitingstijd

(Voorgedragen op 10 maart in de theatervoorsteling met Angela van der Sluis, tijdens Theater bij de Buren.)

Liefde

niks mooier
dan jezelf zijn
in de ogen van iemand
die pas echt van je houdt
als je bent wie je bent

omdat ze er van overtuigd is
dat als jij werkelijk jezelf bent
in al je beperking
je perfecter bent
dan je ooit zult kunnen zijn

(Voorgedragen op 10 maart in de theatervoorstelling met Angela van der Sluis, tijdens Theater bij de Buren.)

Ontmoetingen

als er iemand aan mijn hart klopt
klopt mijn hart wat harder
soms uit verlangen
soms uit angst
of omdat de uitnodiging
de eenzaamheid versterkt

als er iemand om mijn hart knokt
klopt mijn hart vaak in mijn keel
soms uit verbazing
soms uit interesse
vaak omdat de angst voor de pijn
de hoop op geluk verlamt.

als er iemand naar mijn hart
klop ik zelden terug
dat klopt niet
maar ik sta er te weinig bij stil
dat ik niet meer durf te hopen
op waar ik echt naar verlang

(Voorgedragen op 10 maart in de theatervoorstelling met Angela van der Sluis, tijdens Theater bij de Buren.)

Mijn inkt

Om te schrijven over Veenendaal,
ruik ik graag aan de geuren
uit een turbulent verleden,
de lucht van wolfabrieken die
de draad kwijt waren,
het aroma van de Panter
die de sigaar was.

Om te dichten over Veenendaal,
kijk ik geboeid naar haar pracht en
bewonder het witte kerkje boven aan de markt,
beschouw de statige stenen aan de Kerkewijk,
weerspiegel in onze schitterende ode
aan de oude grachten.

Om te rijmen over Veenendaal
luister ik met aandacht naar de actualiteit,
van huishoudhulp tot parkeerbeleid.
Zijn wij nog tot een Gilbertjaar bereid?
N233 discussies over hoe het verkeer
het beste rond de Rondweg-Oost rijdt.

Maar hoeveel ik ook
ruik, kijk en luister,
zonder ‘hallo’ en ‘goedendag’,
de welgemeende glimlach,
een enthousiaste zwaai,
contacten door de jaren heen,
zou ik over deze fijne stad
helemaal niet
willen schrijven, dichten of rijmen.
Juist mijn verbondenheid met u
nodigt mij uit
mijn pen
met veel plezier
in Veenendaalse inkt te dopen.

(Voordragen tijdens mijn presentatie als Stadsdichter van Veenendaal 13 februari 2019 en gepubliceerd in de Rijnpost op 6 maart.)

Wending

Het alleen zijn was
in al die jaren
een begaanbare weg geworden,
een aanvaardbaar lot,
niet zelfverkozen,
maar ook nooit verfoeid.
Het uitzicht op de tweezaamheid
werd gaandeweg verborgen,
achter een dik gordijn
van negatieve denkbeelden.
Het doek schoof langzaam dicht.
Er was alleen nog maar een kier.

En toen …

Als dondersteen bij heldere hemel,
als de berg naar Mohammed,
schoof jij het doek weer open,
stond vier hoog voor mijn deur,
kwam spontaan mijn leven binnen
en liet mij ontdekken
dat jij geen plannen had om weg te gaan.
Je nodigde mij uit
voor vis met worteltjes,
gaf me mijn allereerste zoen
en liet mij de sprong wagen
die ons samen weg deed zweven
in elkaars geluk.

Vrij gedicht. Voorgedragen tijdens mijn presentatie als Stadsdichter op woensdag 13 februari 2019, tijdens het Cultureel Café, in ‘De Plantage’.

Transformatie

Een grote massa ijs dringt zich langzaam op.
Die stugge, trage reis is een heel karwei,
maar zeker niet voor nop. Na het vormen van een rug,
ontstaat er een vallei.

Dan trekt het ijs zich terug. Wat overblijft is zand
en het waaien van een wind die stuivend stof verzint
dat overal in het land een nieuw reliëf creëert
met plaats voor ven of meer.

En dat stilstaand water, zo wordt er wel beweerd,
leidt dan keer op keer tot kostbaar turf voor later,
als arbeiders op komen draven, om zacht en zompig veen,
op te diepen en uit te graven.

Wie komen daar bijeen?
Mensen die willen werken in landbouw en fabrieken,
bouwen een dorp met kerken, huizen, grachten, gras.
Een noest en nijver ras met zware dogmatieken.

Lang lijkt men daar wat ingedut,
dan dringt moderniteit zich op, zoals ooit die massa ijs.
Het dorp wordt daardoor opgeschud. Er verschijnt nu eigenwijs
naast de kerk ook een kroeg en eentje is nog niet genoeg.

De grachten worden grauw en grijs als weg geasfalteerd,
verstedelijking heeft een prijs, een tuin wordt vaker een balkon,
er wordt veel gepresteerd. Dan breekt het dorp uit haar cocon.
Ze is tot stad getransformeerd.

Gedicht over Veenendaal en Water. Jury-opdracht voor mijn presentatie als Stadsdichter, op 13 februari 2019, tijdens het Cultureel Café in ‘De Plantage’.

Als je wilt dat ik blijf

ontsla me dan liefste
van de zoete zinnen die jij steeds weer wilt horen
omdat ze hevig resoneren met wat jij voelt
eindeloos allitereren op jouw behoeftes

maar nauwelijks rijmen op onze werkelijkheid

ontsla me dan liefste
van de goudgerande woorden die jij zo graag leest
onderschriften bij jouw ontembare illusies
titels van dure dromen die als ze uitkomen
vermoedelijk nachtmerries blijken te zijn

ontsla me dan liefste
van de vele punten die jij overal van maakt
onvermijdbare uitroeptekens in mijn bestaan
het puntje op de i dat altijd ronder moet
en daardoor telkens weer een bitter vraagteken wordt

als je echt wilt dat ik bij je blijf
ontsla me dan
liefste

Vrij gedicht, voorgedragen tijdens mijn presentatie als Stadsdichter op 13 februari, in ‘De Plantage’.

Uitdaging

Eerste steen gelegd, mooier gegroeid, 
draden getrokken, tot leven gekomen,
afgebouwd om te bewonen, of begint 
met het bouwen het bouwen pas echt?

Bouwen aan uw eigen thuis, 
vriendschap met de nieuwe buren,
een net iets betere wereld 
op uw eigen vierkante meters.

Als enthousiaste aannemers
van persoonlijk woongeluk
de eerste stenen leggen
van een sociaal bouwproces.

Bouwen aan het hart van dit complex
en met plezier uw stempel drukken 
op een mooi stukje Veenendaal
waar u werkelijk van invloed bent.

Mijn eerste gedicht als stadsdichter van Veenendaal. Voorgedragen op 20 februari 2019, ter gelegenheid van de opening van wooncomplex ‘Het Stempel’.

Derk Postma is nieuwe stadsdichter van Veenendaal

Derk Postma wordt na zijn voordracht toegesproken door wethouder Dylan Lochtenberg (foto: Hennie Henzen)

Sinds  13 februari heeft Veenendaal een nieuwe stadsdichter. Derk Postma werd door de jury unaniem tot nieuwe stadsdichter gekozen in het Cultureel Café Veenendaal, onderdeel van het Kunstplatform.

De jury oordeelde dat de gedichten van Derk hoog van kwaliteit zijn.’Hij heeft een groot hart en veel respect voor Veenendaal. Zijn werk lijkt ook echt geschreven om voor te dragen, om gehoord te worden en dat is passend voor een stadsdichter’. Dit volgens het juryrapport. Derk zal het stadsdichterschap uitvoeren t/m 2021, een periode van drie jaar.

Binnenkort zal het College het stadsdichterschap van Derk bekrachtigen.

Van Christiaan Abbing wordt binnenkort afscheid genomen. Dit gebeurt bij de presentatie van een gedichtenbundel met door hemzelf gekozen gedichten.

Gilbertjaar III (of: Naamloos)

Bron: oudveenendaal.nl

De harde werkers in hun kleine huizen
De veenders op het eeuwig natte land
Die maakten Veenendaal tot wat het is

De kammers met de vette wollen pluizen
Sigarenmakers, mallen in de hand
Fabrieksarbeiders aan de lange lijn

Een groepje kinderen, nog jong en fris
Vermoeide vrouwen achter de fornuizen
Een vader, slapend met zijn avondkrant

Hun beeld verbleekt in de geschiedenis
Geen kind zal hun geboortejaar ooit leren
Geen mens kent nog hun vreugde of hun pijn

Maar als we dan toch iemand moeten eren
Laat het die anonieme werkers zijn

Keatssonnet bij het Gilbertjaar. 23 februari 2019.

Reality check

Er waren wel wat ethische bezwaren
Maar straks kent iedereen het CLV
Daar kan de school alleen maar wel bij varen
Er zijn altijd wel ethische bezwaren
We zullen het geheimpje goed bewaren
Natuurlijk doen we aan zo’n docu mee
Er zijn wel steeds meer ethische bezwaren
Maar nu kent iedereen het CLV

Triolet bij het nieuws van 8 februari dat RTL4 nepleerlingen plaatste op het Christelijk Lyceum Veenendaal voor een reality docu. De rector-bestuurder ‘zag wel wat ethische bezwaren’, maar dat weerhield hem er niet van de opnames door te laten gaan, zonder docenten, leerlingen en ouders in te lichten.

Gilbertjaar II (of: Wie is die man?)

Wij zoeken ons ontstaansverhaal
Soms tegen beter weten in
Wij zijn op zoek, wij allemaal
Naar onze oorsprong, ons begin

Wij willen weten wie we zijn
En hoe dat zo gekomen is
Wij willen – ook al is ‘ie klein –
Een plek in de geschiedenis

Wij willen weten hoe het moet
Van iemand die is voorgegaan
Zo leven dat je ertoe doet
Een hoger doel in je bestaan

Maar ja, waar vind je nu de Man
Die ons tot voorbeeld dienen kan?

Geschreven bij het ‘nieuws’ dat Gilbert van Schoonbeke niet de stichter van Veenendaal is en het zelfs de vraag is of hij ooit hier is geweest.
Zoekt Veenendaal de juiste identificatiefiguur?

Op het Zwaaiplein

OP HET ZWAAIPLEIN
Heb ik nu al mijn huiswerk wel gedaan?
Waar kan ik hier een nieuw horloge kopen?
Schiet op, loop door, daar komt mijn bus al aan
Mag ik hier fietsen of moet ik gaan lopen?

Die geur – nu heb ik zin in verse vis
Kijk links, kijk rechts, kijk nog een keer
Weet niemand meer wat voorrang geven is?
Pas op, daar fietst een oudere meneer!

Nog één bestelling en dan snel naar huis
Let op, daar wil er eentje oversteken
Hier afslaan en dan ben ik bijna thuis
Dat ging maar net, ik had toch goed gekeken?

Het Zwaaiplein gooit echt alles door elkaar
Nu is zelfs mijn gedichtje in gevaar

Het Zwaaiplein – eigenlijk het kruispunt Prins Bernhardlaan/Verlaat/Vijgendam – wordt al tijden gezien als een gevaarlijk punt in Veenendaal. Met alle kruisende verkeersstromen en de merkwaardige indeling is het een wonder dat er nog geen grote ongevallen zijn gebeurd.

Veenendaal krijgt nieuwe stadsdichter

De nieuwe stadsdichter komt eraan!

Het stadsdichterschap van Christiaan Abbing loopt alweer ten einde. Daarom zijn de gemeente Veenendaal en het Kunstplatform Veenendaal de procedure gestart om een nieuwe stadsdichter te vinden, ditmaal voor drie jaar.

Helaas hebben er zich deze keer onvoldoende goede kandidaten aangemeld om tot  drie nominaties voor het stadsdichterschap van Veenendaal te kunnen komen. De jury heeft zich willen houden aan de voorwaarden waaraan de stadsdichter moet voldoen.

Gelukkig voldeed één van de kandidaten volgens de jury ruimschoots aan alle eisen die zij heeft gesteld  aan de stadsdichter. De jury was hierin unaniem. De jury bestaat uit de leden Christiaan Abbing, Martin Brink, Ali Groebe, Albert van Kooten en Harry Oonk.

Omdat er  maar één kandidaat is, wil de jury de naam van de kandidaat geheim houden tot 13 februari 2019. De jury zal dan het juryrapport bekendmaken en de kandidaat voordragen aan het College van Burgemeester en Wethouders. Er zal dus daarom op 13 februari geen  stadsdichtersverkiezing zijn maar op die datum zal de nieuwe stadsdichter aan u worden voorgesteld. De jury zal het College vragen de voorgedragen kandidaat te benoemen omdat naar onze mening deze kandidaat een uitstekende stadsdichter zal zijn.

Wij hopen u op 13 februari in het Cultureel Café te mogen ontmoeten en u kennis te laten maken met de nieuwe stadsdichter van Veenendaal.

Op deze avond zullen ook de huidige stadsdichter Christiaan Abbing, en oud-stadsdichters Mats Beek en Joyce Willemse aanwezig zijn en een gedicht voorlezen uit eigen werk.

De muzikale omlijsting wordt verzorgd door Keetje en Ko.

De avond wordt gehouden in Brasserie De Plantage aan de Markt en begint om 20.00 uur.

Feestverlichting

De winterzon werpt nog haar laatste stralen
De schemer komt, de avond valt al vroeg
Toch zal ik in het duister niet verdwalen
Ik weet de weg en er is licht genoeg

Ook als de nacht valt, voel ik me hier thuis
En onderweg word ik verlicht door het geflonker
Tienduizend lichtjes leiden mij naar huis
Ik vind mijn weg wel, nergens is het donker

Ineens word ik omstraald door blauwig licht
En rode letters dwingen me tot staan
Ik staar verschrikt in een gefronst gezicht
De wijkagent kijkt mij bestraffend aan

‘Je kunt het leuk vertellen, echt heel goed
Maar zorg eens dat je fietslicht het weer doet!’

Hoogspanningsmast

Herinner je hoe in de avondlucht
De zwermen kleine zwarte vogels kwamen
De draad waarop zij elk hun plek innamen
Werd rustpunt in een wervelende vlucht

Herinner je een februaristorm
Het onheilspellend klaaglijk fluiten
De wind joeg dreigend door de stalen ruiten
Ineens leek dan zo’n mast niet zo enorm

Herinner je hoe, als je soms verdwaalde
Je ogen zochten naar een sterk houvast
De open armen van zo’n lange mast
Die met zijn draden jou naar huis toe haalde

Herinner het je nu, voordat de draad
Met jouw herinnering de grond in gaat

Sonnet bij het nieuws dat Veenendaal in aanmerking komt voor het ondergronds brengen van het hogespanningstracé. Aan het eind van de straat waar ik als kind woonde, stond zo’n hoogspanningsmast.

Stadsdichter Veenendaal derde bij NK Light Verse

Foto: Ko Oost

Stadsdichter van Veenendaal Christiaan Abbing is bij het Nederlands Kampioenschap Light Verse als derde geëindigd, achter Arjan Keene uit Ede en Machiel Pomp uit Posterholt, die zijn titel uit 2017 met succes verdedigde.

De eindronde van het Nederlands Kampioenschap Light Verse werd gehouden in Café Groothuis in Emmen. De acht finalisten werden beoordeeld op criteria als performance, vormvastheid en actualiteit. Zie ook Dagblad van het Noorden en Woest & Ledig.